Slaapregressies zijn periodes waarin baby’s die ’s nachts goed sliepen, vaker wakker kunnen worden en moeite kunnen hebben om weer in slaap te vallen.
Maak je geen zorgen. Dit is normaal en komt vaak voor in de ontwikkeling van baby’s. Ze doen zich meestal voor op belangrijke momenten in hun groei. Deze belangrijke momenten houden vaak verband met hun cognitieve of motorische ontwikkeling.
Slaapregressies zijn tijdelijk en duren meestal 3 tot 6 weken. Meestal gaat de baby vanzelf weer stabieler slapen zodra deze periodes van veranderingen en aanpassingen voorbij zijn.
Wanneer komen slaapregressies voor?
Met 4 maanden
Dit is een van de eerste belangrijke slaapregressies. Baby’s kunnen van meerdere uren achter elkaar slapen overgaan naar vaker wakker worden gedurende de nacht.
De oorzaak van deze slaapregressie houdt verband met de ontwikkeling van de hersenen van de baby. Rond 4 maanden begint een deel van de hersenen, de suprachiasmatische kern, invloed uit te oefenen op de slaap-waakcycli van de baby. Deze kern werkt als een interne klok die helpt bepalen wanneer we wakker moeten zijn en wanneer we moeten slapen.
Tegelijkertijd leren baby’s rond 4 maanden nieuwe vaardigheden, zoals rollen en meer bewegen. Dat is spannend, maar kan ook invloed hebben op hun slaap. Ze kunnen deze bewegingen zelfs ’s nachts oefenen, waardoor ze wakker worden.
Met 6 maanden
Rond 6 maanden leren veel baby’s zelfstandig zitten en beginnen ze de wereld om zich heen verder te ontdekken. Ze kunnen zo enthousiast zijn over hun nieuwe vaardigheden dat ze die zelfs willen oefenen wanneer ze eigenlijk zouden moeten slapen.
Een andere reden voor een slaapregressie rond 6 maanden is het doorkomen van de eerste tandjes en de introductie van vaste voeding. Op deze leeftijd beginnen sommige baby’s naast borstvoeding of flesvoeding nieuwe voedingsmiddelen te proeven. Hierdoor kunnen hun routine en spijsvertering veranderen. Hun lichaam moet zich aanpassen aan het nieuwe voedsel, wat ook invloed kan hebben op hun slaap.
Met 8 maanden
Een andere veelvoorkomende slaapregressie vindt rond deze leeftijd plaats, wanneer de baby leert kruipen. Dit komt vooral door de zogenaamde verlatingsangst. Op deze leeftijd beseffen baby’s dat mama en papa soms niet bij hen zijn. Daardoor kunnen ze zich onzeker voelen wanneer ze ons niet in de buurt zien. Als ze ’s nachts wakker worden, kunnen ze daarom huilen of onze aandacht zoeken om er zeker van te zijn dat we er zijn.
Met 12 maanden
Rond de eerste verjaardag merken sommige moeders opnieuw een slaapregressie op. Op deze leeftijd leren baby’s zelfstandig of met hulp lopen en zetten ze hun eerste stapjes. Hierdoor neemt hun activiteit en opwinding gedurende de dag toe en vinden ze het moeilijker om te ontspannen. Ook beginnen ze in hun ledikant te gaan staan.
Ze bieden ook vaker weerstand tegen dutjes, vooral omdat ze zo actief en sociaal zijn dat ze geen tijd willen verliezen met slapen. Het overslaan van een dutje kan er bovendien voor zorgen dat ze oververmoeid naar bed gaan.
Met 18 maanden
Deze slaapregressie kan verband houden met de taalontwikkeling en het aanleren van nieuwe communicatieve vaardigheden. Daarnaast kan de verlatingsangst opnieuw toenemen. Kinderen zijn zich er meer van bewust dat ze alleen worden gelaten, kunnen zich beter uitdrukken en kunnen zich sterker verzetten tegen bedtijd.
Met 24 maanden
Rond 2 jaar worden kinderen meestal zelfstandiger en willen ze dingen zelf doen. Ze weten wat ze wel en niet willen en laten dat duidelijk merken. Hun persoonlijkheid en temperament beginnen zich te ontwikkelen en de gevreesde driftbuien dienen zich aan. Ze willen overdag misschien meer ontdekken en spelen en verzetten zich daardoor tegen naar bed gaan of dutjes doen.
Daarnaast zijn veel kinderen op deze leeftijd overdag geen luiers meer aan het dragen en leren ze naar het toilet te gaan. Hierdoor kunnen ze ’s nachts vaker wakker worden, omdat ze naar het toilet moeten of zich ongemakkelijk voelen door een ongelukje.
Naarmate kinderen ouder worden, kunnen ze bang worden in het donker, voor monsters of om alleen te zijn... Deze angsten kunnen ervoor zorgen dat ze ’s nachts bang wakker worden en de veiligheid en troost van hun ouders zoeken.
Heb geduld, het gaat voorbij
Het is belangrijk om te onthouden dat elke baby uniek is en dat niet alle baby’s slaapregressies op dezelfde manier ervaren. Sommige baby’s hebben een duidelijkere slaapregressie, terwijl anderen er nauwelijks iets van merken.
Tijdens deze fases van slaapregressie is het belangrijk om je baby veel liefde, geduld en een gevoel van veiligheid te geven. Probeer een consistent en comfortabel slaapritme aan te houden. Zorg ervoor dat je baby goed gevoed en comfortabel is voordat hij of zij naar bed gaat. Hoe verleidelijk het ook kan zijn, probeer geen gewoontes aan te leren die het slapen moeilijker kunnen maken, zoals in je armen of bij jou in bed in slaap vallen, omdat deze de slaapproblemen kunnen verlengen.
Hou vol! Met liefde en aandacht kom je deze fases te boven en zie je hoe je baby zich prachtig blijft ontwikkelen en groeien.






